Emissiesymposium Lucht 2015: het complexe spel van data en informatie

donderdag, 18 juni 2015

Hoe beheer je data op zo’n manier dat zowel juristen als wetenschappers tevreden zijn? Met die vraag opende Kees van Luijk, directeur Centrum Milieukwaliteit van het RIVM, het Emissiesymposium 2015. Het is een uitdaging, maar zeker niet onmogelijk, zo bleek uit presentaties over de nieuwste emissiecijfers, Europese luchtkwaliteitskaarten, de Laan van de Leefomgeving en AERIUS.

Zo’n 75 mensen namen op 16 juni deel aan deze tweede editie van het Emissiesymposium. Nieuws was er meteen met de presentatie van de definitieve emissiecijfers over de periode 1990-2013 door Wim van der Maas (hoofd Emissieregistratie). Met name spannend voor ammoniak, dat een jarenlange daling laat zien, maar waarvoor op grond van nieuwe inzichten wel hogere waarden worden berekend. Later op de dag ging Bas Clabbers van het ministerie van EZ in op de betekenis voor de PAS. ‘Op basis van de nieuwe ammoniakcijfers bekijken we opnieuw per Natura 2000-gebied of de natuurdoelen niet in gevaar komen. Indien niet, geen probleem. Indien wel, dan nemen we het mee in de aanpassing van de PAS zoals de staatssecretaris die al heeft aangekondigd voor eind 2015.’

‘Comparing apples and oranges’ in Europa

Hugo Denier van der Gon van het TNO emissions team maakte het publiek deelgenoot van zijn avonturen bij het samenstellen van Europese luchtkwaliteitskaarten. Hoe kom je tot een consistent Europees beeld, gegeven de enorme verschillen in dataverzameling, bewerking en weergave tussen landen? Maak in ieder geval het beleid robuuster, zo werd in de discussie gesuggereerd, door uit te gaan van relatieve emissiereducties in plaats van absolute daling.

NSL en PAS als fundament voor informatiehuis Lucht

De Laan van de Leefomgeving krijgt steeds meer vorm, liet Martijn van Langen (ministerie IenM) in zijn presentatie zien. De Laan is de digitale gegevensvoorziening ter ondersteuning van de nieuwe Omgevingswet. In 2018 moeten de eerste ‘informatiehuizen’ klaar zijn, waaronder die van Lucht. ‘Met het NSL en de PAS hebben we daarvoor een prima fundament,’ had Kees van Luijk in zijn openingswoord al opgemerkt. Uit de zaal kwam het pleidooi om de kwaliteitseisen aan de data duidelijk vast te leggen, vóórdat deze in de beleidsprocessen uit zicht verdwijnen.

Slim omgaan met onzekerheden in AERIUS

Trots was Van Luijk op de samenwerking met het AERIUS team, dat sinds eind april bij het RIVM zit. In het AERIUS café beantwoordden Wim van der Maas, Bas Clabbers en Mark Wilmot (teamleider ontwikkelteam AERIUS) vanaf het podium vragen uit de zaal over AERIUS en de PAS. Natuurlijk ook hier aandacht voor het ruimtelijke detail en de onzekerheden in de data. ‘Grote vraag is hoe we de discussie op het juiste niveau krijgen,’ stelde Mark Wilmot. ‘In AERIUS hebben we de onzekerheden minder belangrijk gemaakt, door te focussen op het verschil dat een initiatief teweegbrengt in depositie. Daarmee vallen veel onzekerheden tegen elkaar weg.’

’s Middags bezochten de deelnemers workshops over AERIUS, het Elektronisch Milieujaarverslag (EMJV), metingen van burgers en satellieten, en emissieregistratie. Op de stickerwall konden ze hun vragen en opmerkingen kwijt. ‘Minder kletsen, meer meten!’ was een van de hartenkreten. Of meer meten vanuit beleid en vergunningverlening gezien ook nodig is, zal een blijvend onderwerp van gesprek zijn.

Meer informatie

Fotografie: GertJan Stolwijk