Let op: dit is niet een actuele versie
Actuele versie: 07-11-2016

Toepassing rekenmodel wegverkeer (SRM2)

In het kort
Monitor berekent de verspreiding van de emissies door wegverkeer met een implementatie van Standaardrekenmethode 2 (SRM2) uit de Regeling beoordeling luchtkwaliteit 2007. In Monitor 2014.2 is daarbij uitgegaan van de ECN implementatie van SRM2: het Voorspellings­systeem Luchtkwaliteit Wegtracés (VLW).  

SRM2 berekent de concentraties in de lucht op basis van

  • brongegevens (emissies wegverkeer, locatie wegvakken, weghoogte, kenmerken afschermende constructies)
  • brononafhankelijke gegevens (meteorologische condities, terreinruwheid en brondepletie).  

Monitor bepaalt de deposities door de berekende concentraties te vermenigvuldigen met de effectieve droge depositiesnelheid. De waarden voor de depositiesnelheid zijn afgeleid met het rekenmodel OPS van het RIVM.

Hoe berekent SRM2 de depositiebijdrage?
SRM2 berekent de verspreiding van verontreinigende stoffen in de lucht (concentraties). Daarnaast berekent het model hoeveel van die stoffen per hectare op bodem of gewas terechtkomt (depositie). Bij de berekening van de depositie gaat Monitor uit van gegevens over de effectieve depositiesnelheden  die zijn bepaald met OPS versie 4.4.3 (2014).  
Het rekenmodel 
Voorspellings­systeem Luchtkwaliteit Wegtracés (VLW) is een implementatie van SRM2. VLW is ontwikkeld door ECN, in opdracht van Rijkswaterstaat. AERIUS Monitor 2014.2 maakt gebruik van VLW versie 9.3. Een uitgebreide beschrijving van VLW is te vinden op de website van ECN.

De volgende gegevens vormen de invoer voor SRM2:

  • kenmerken emissiebronnen
  • gegevens over meteorologische condities, terreinruwheid en landgebruik en brondepletie.

Op basis hiervan berekent Monitor de depositiebijdrage op de rekenpunten.

a)  Kenmerken emissiebronnen
De volgende gegevens vormen de invoer voor de verspreidingsberekening met SRM2 in Monitor:
- de locatie van de wegsegmenten, in x,y-rijksdriehoekcoördinaten (m)
- de bronemissies NOX, NO2 en NH3 per wegsegment (g/s)
- de verticale verspreidingscoëfficiënt σz,0.
In Monitor zijn deze gegevens bepaald op basis van emissiefactoren voor wegverkeer en netwerkgegevens die door wegbeheerders zijn aangeleverd.

De waarde voor σz,0 is afhankelijk van:
- het type omgeving (binnen bebouwde kom/buiten bebouwde kom)
- het hoogte van de weg ten opzichte van het maaiveld en het type verhoging of verdieping
- de aanwezigheid en hoogte van afschermende constructies langs de weg.

b)  Brononafhankelijke gegevens
SRM2 maakt bij de verspreidingberekening gebruik van de volgende gegevens:
- meteorologische condities
- terreinruwheid (ruwheidlengte)
- depletie.
De gebruikte gegevens voor meteorologische condities en de terreinruwheid zijn in maart 2014 gepubliceerd door de staatssecretaris van Infrastructuur en Milieu (publicatie). Om de gepubliceerde gegevens geschikt te maken voor invoer in SRM2, vindt een voorbewerking plaats met de methode preSRM.

meteorologische condities: SRM2 gaat uit van meteorologische gegevens voor de stations Schiphol en Eindhoven. PreSRM interpoleert deze gegevens afhankelijk van de locatie van het rekenpunt.
ruwheidlengtes: De gegevens over de terreinruwheid, waar SRM2 mee rekent, zijn afgeleid van het Landelijk Grondgebruiksbestand Nederland versie 5+ (LGN5+) en gepubliceerd op de site van de rijksoverheid.
brondepletie: Bij de berekening van de concentraties ammoniak en stikstofdioxide op een rekenpunt, houdt VLW rekening met de neerslag (depletie) van een deel van de ammoniak (NH3) en stikstofoxiden (NOX) in het gebied tussen de bron en het rekenpunt. Het RIVM (Sauter, 2014) heeft met OPS versie 4.4.3 (2014) depletiefactoren bepaald voor zowel NOX als NH3. Deze waarden zijn afhankelijk van
- de afstand tussen de bron en het rekenpunt
de ruwheid ter hoogte van het rekenpunt
- de achtergrondconcentratie NO2 en NH3 ter hoogte van het rekenpunt.

ECN (Vermeulen. 2014) heeft de resultaten van het RIVM omgezet naar functies die, op basis van de x,y coördinaten van het rekenpunt en de afstand tot het wegsegment, de depletiefactor bepaalt die van toepassing is. Deze functies worden toegepast in Monitor.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
400-1838
Voor
  • Monitor
Type
Methodiek
Versie