AERIUS Connect 2016

Releasedatum: 17-03-2017

Index

AERIUS Connect API - Handleiding

In het kort
Berekeningen met AERIUS Calculator kunnen worden uitgevoerd met een webservice. Deze webservice gaat uit van het HTTP REST protocol. Het formaat voor de gegevensuitwisseling is JSON. De verschillende API functies worden op de AERIUS Connect API documentatie pagina verder toegelicht. Deze documenatie betreft  AERIUS Connect API versie 3.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
639-3256
Voor
  • Connect
Type
Algemeen

AERIUS Connect API - in het kort

Versie: 
15-12-2015

In het kort
AERIUS stelt een API (Application Programming Interface) beschikbaar aan ontwikkelaars, waarmee zij via een computer interface (API) opdrachten kunnen uitvoeren op de AERIUS Calculator, zonder gebruik te maken van een gebruikersomgeving (GUI). Voor de AERIUS Connect API betreft het opdrachten voor het valideren, converteren en rekenen met AERIUS Calculator.

Wat is een API?
API staat voor Application Programming Interface. Een API maakt het mogelijk om afzonderlijke softwareprogramma's of -onderdelen met elkaar te laten communiceren. Het is een software-naar-software interface, onzichtbaar voor gebruikers, en biedt daarom per definitie geen gebruikersomgeving (GUI).

Software-ontwikkelaars kunnen met behulp van een API programmeercode en/of gegevens uitwisselen. De benodigde code wordt uitgevoerd op de server van de AERIUS, die het resultaat vervolgens naar de client stuurt. Op het internet hebben API's meestal als doel om gebruikers (zoals web-ontwikkelaars) toegang te geven tot een aantal voorgedefinieerde procedures, zoals het ophalen, bewerken of opslaan van bepaalde gegevens.

Wanneer API gebruiken?
Het gebruik van de API voor AERIUS Calculator biedt o.a voordelen in de volgende situaties. Dit zijn slechts enkele voorbeelden en zeker niet uitputtend:

  • De API is geoptimaliseerd voor grotere berekeningen doorrekenen van IMAER GML's die de ingestelde limieten van AERIUS Calculator overschrijden (bijv. maximaal aantal bronnen).
  • Direct vanuit eigen client applicatie (bijv. eigen GIS) communiceren met de AERIUS Calculator
  • Inrichten van een intern werkproces voor het uitvoeren van AERIUS berekeningen en verwerken van de resultaten in de organisatie-eigen applicatie architectuur.
  • Web services zijn eenvoudig: web services zijn te gebruiken door software-ontwikkelaars.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
635-2756
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie
  • 15-12-2015

AERIUS Connect API of AERIUS Calculator

Versie: 
17-03-2017

In het kort

Rekenopdrachten met AERIUS Calculator kunnen worden uitgevoerd via de gebruikersomgveing (GUI) van Calculator, maar ook via de AERIUS Connect API. Via de AERIUS Connect API kunnen direct opdrachten (valideren, converteren, en rekenen) uitgevoerd worden op het rekenhart van AERIUS Calculator.

Ten opzicht van gebruik van de GUI biedt de AERIUS Connect API een aantal aanvullende functionaliteiten.

Toepassing Connect API vs Calculator
Hieronder eerst een schematisch overzicht van het toepassingsbereik van AERIUS Calculator vs de AERIUS Connect API. Daaronder volgt een nadere toelichting.

Calculator vs Connect Calculator Connect API
Grootschalige projecten < ong. 250 bronnen > ong. 250 bronnen
(Vergunningen) AERIUS PDF genereren Ja Ja
Gedefinieerd onderzoeksgebied Nee Ja
Rekenresultaat opgesplitst naar secor Ja Ja
Bepalen hoogste bijdrage van twee bronbestanden Nee Ja
IMAER validatie-service Nee Ja
IMAER conversie-service Nee Ja
GML’s combineren en als 1 set doorrekenen Nee Ja
ZIP in – ZIP uit (max. 1 bestand tbv comprimeren omvang) Nee, alleen ZIP in Ja
GML terugkrijgen uit AERIUS PDF Moeilijk Ja

Directe communicatie vanuit eigen IT-systeem met rekenhart AERIUS Calculator

Nee

Ja

 

  • Grootschalige projecten: de Connect API is geoptimaliseerd  voor het valideren, converteren en doorrekenen van grootschalige projecten en plannen die de ingestelde limieten van AERIUS Calculator te boven gaan. Denk aan initiatieven zoals de aanleg van snelwegen en bedrijventerreinen. Dit is mogelijk door het ontbreken van een userinterface.
  • (Vergunningen) AERIUS PDF. Vanaf de Connect API versie 2 is het mogelijk om een (Vergunning) AERIUS PDF te genereren in AERIUS Connect. 
  • Gedefinieerd onderzoeksgebied. In sommige gevallen is het wenselijk om een onderzoeksgebied te definiëren die de ruimtelijk scope van de berekeningen afbakenen. Zoals bij wegverkeer. Bij bronnen die betrekking hebben op wegen wordt de depositiebijdrage beoordeeld op relevante hexagonen in N2000 gebieden, wanneer deze hexagonen zich bevinden binnen een afstand van 3 kilometer vanaf de weg. Deze zogenoemde afstandsgrenswaarde van 3 kilometer volgt uit het titel 2.2 van het Besluit Natuurbescherming. De relevante hexagonen binnen 3 kilometer van de weg worden beschouwd als het ‘onderzoeksgebied’. Met AERIUS Connect is het mogelijk om bij wegen onderscheid te maken tussen:
    • bronnen die moeten worden meegenomen bij het bepalen van het onderzoeksgebied
    • bronnen die moeten worden meegenomen bij de berekening van de depositiebijdrage op de relevante hexagonen binnen het onderzoeksgebied.
  • Rekenresultaat opgesplitst naar secor. De rekenresultaten worden ook per sector in de GML opgenomen.
  • Bepalen hoogste bijdrage van twee bronbestanden. Op basis van meerdere invoer resultaatbestanden wordt een nieuw resultaat bestand gemaakt door van elke gevonden resultaat punt de hoogste waarde te nemen. Telt dus niet de resultaten op, maar bepaald hoogste waarde.
  • IMAER Validatie-service: Technische validatie van een IMAER GML. Dat gebeurt in principe ook als je een GML importeert  in AERIUS Calculator. Voordeel van de Connect API is dat je die zodanig kunt aansturen dat je meerdere GML’s kunt valideren.
  • IMAER Conversie-service: Oudere versies (vanaf 1.0) van IMAER GML’s worden omgezet naar de meest actuele IMAER versie. Dat gebeurt in principe ook als je een GML importeert  in AERIUS Calculator. Voordeel van de Connect API is dat je die zodanig kunt aansturen dat je meerdere GML’s kunt converteren.
  • GML’s combineren tot 1 set van bronnen in 1 keer doorrekenen: Meerdere GML’s kunnen als 1 set van bronnen in 1 keer doorgerekend worden. Als resultaat ontvang je vervolgens één GML met alle bronnen uit de verschillende invoer GML’s en de daarbij horende totale emissies van alle bronnen
  • Zip in is Zip uit. Dit biedt als grote voordeel dat de omvang van het dataverkeer aan de Client kant geminimaliseerd wordt. Dus m.n. handige bij een groot GML bestand. LET OP! Slechts 1 bestand uit de ZIP wordt gevalideerd en geconverteerd, NIET meerdere. Tenzij het een PDF is met 2 situaties.
  • GML terugkrijgen uit AERIUS PDF. Het converteren van een AERIUS PDF – via de conversie service- resulteert in een losse IMAER GML. Op die manier is het mogelijk om op eenvoudige wijze losse GML’s te genereren die zijn opgenomen in een AERIUS PDF. Die GML kan vervolgens weer bewerkt worden en opnieuw aangeboden worden.
  • Directe communicatie vanuit eigen client applicatie (bijv. eigen GIS) communiceren met het rekenhart van AERIUS Calculator. Resultaten van een AERIUS validatie, conversie, en berekening kunnen direct in het eigen IT-Systeem bekeken, geanalyseerd en gecombineerd worden met eigen databronnen. 

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
638-3733
Voor
  • Connect
Type
Algemeen

AERIUS Connect Webservices

AERIUS Connect Webservices biedt een aantal AERIUS-dataproducten aan als Open Data conform geo-standaarden zoals vastgelegd in de ‘Pas-toe-of-leg-uit’ lijst van het Forum en College Standaardisatie. De AERIUS Connect Webservices worden momenteel aangeboden als een WFS (Web Feature Service).  Gebruikers kunnen met zo'n WFS  de betreffende datasets direct vanuit hun eigen (geo-) systemen bevragen dan wel de datasets in verschillende bestandsformaten downloaden en eventueel verder bewerken.

Als onderdeel van de Connect 2016 Release zijn de volgende  open data sets als webservices beschikbaar. De bijhorende metadata en URL's  zijn gepubliceerd via het Nationaal Georegister.

  • AERIUS totale stikstofdepositie. Deze web service bevat de totale stikstofdepositie per hexagoon voor nu en toekomstige jaren. De stikstofdepositie is berekend in AERIUS Monitor op basis van de best beschikbare emissiebronnen. Voor toekomstige jaren zijn ook de verwachte ontwikkelingen van de emissiebronnen meegenomen.
  • AERIUS hexagonengrid. Deze web service bevat het hexagonengrid. Dit grid is bepalend voor waar berekeningen worden uitgevoerd in de AERIUS-producten.
  • AERIUS koppeltabel hexagonengrid en relevante-habitats. Deze web service bevat de koppeltabel tussen het hexagonengrid en de relevante habitattypen. Voor elke hexagoon binnen een Natura 2000-gebied is in deze dataset vastgelegd welk stikstofgevoelige habitattypen van belang zijn voor de duurzame instandhouding van flora en fauna.
  • AERIUS vastgestelde depositieruimte. Deze web service bevat de vastgestelde depositieruimte per hexagoon per segment. Depositieruimte is de ruimte (uitgedrukt in stikstofdepositie) die met de inwerkingtreding van het PAS beschikbaar is gekomen voor alle nieuwe (economische) ontwikkelingen.
  • AERIUS actuele depositieruimte. Deze web service bevat de actuele beschikbare depositieruimte per hexagoon per segment. De dataset wordt dagelijks geactualiseerd op basis van vergunningaanvragen en meldingen zoals worden geregistreerd in AERIUS Register.
  • AERIUS relevante habitatkartering.  Deze webservice bevat de stikstofgevoelige habitattypen binnen een Natura2000-bied die van belang zijn voor de duurzame instandhouding van flora en fauna.
 

 

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
687-3731
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

IMAER - Domeintabellen

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Verschillende AERIUS producten gebruiken IMAER GML’s als uitwisselingsformaat. Zo kunnen gebruikers Calculator en Connect gebruiken om GML’s in te lezen. Ook de resultaten van de berekeningen zijn als IMAER GML beschikbaar.  Bij het inlezen van GML’s in de AERIUS producten worden deze gevalideerd op o.a. de toegestane  domeinwaarden voor specifieke attributen. 

Beschikbare domeintabellen
De volgende domeintabellen (waardelijsten) worden gebruikt in IMAER 2.0 en zijn als CSV te downloaden.

  • authorities
  • farm_additional_lodging_systems
  • farm_lodging_fodder_measures
  • farm_lodging_system_definitions
  • farm_lodging_type
  • farm_reductive_lodging_systems
  • machinery_fuel_types
  • mobile_source_off_road_categories
  • mobile_source_on_road_categories
  • permit_calculation_radius_types
  • plan_categories
  • sectors
  • shipping_inland_categories
  • shipping_inland_waterway_categories
  • shipping_maritime_categories

 

Toelichting domeintabellen
Het gebruik van de domeintabellen is terug te vinden in het UML model en de IMAER handreiking tabellen.

Versies AERIUS producten
De domeintabellen zijn valide voor onderstaande versie van Calculator, Connect en Register.

  • Calculator 2016
  • Connect 2016
  • Register 2016

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
586-3719
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

IMAER - Application Schema

Versie: 
02-03-2017

In het kort
De IMAER.xsd is een GML Application Schema van het InformatieModel AERIUS. Softwareontwikkelaars kunnen de IMAER.xsd gebruiken als basis voor de implementatie van  IMAER in hun producten. De actuele versie is hieronder vermeld.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
587-3718
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

IMAER - Beschrijving Model

Versie: 
02-03-2017

In het kort
IMAER staat voor het InformatieModel AERius. IMAER is het standaard gegevens uitwisselingsformaat van AERIUS en wordt gebruikt voor het importeren, exporteren en uitwisselen van gegevens met en tussen de verschillende AERIUS producten (o.a. Calculator, Connect en Register).  

In IMAER zijn de objecten opgenomen die nodig zijn voor het berekenen van emissie en depositie van verschillende stoffen. In het model zijn de beschrijvingen van de objecten, de relaties tussen de objecten en de attributen opgenomen.

IMAER is een toepassing van Basismodel Geo-Informatie (NEN 3610) voor het beleidsveld van stikstofdepositieberekeningen. Het is hiermee één van de bestaande toepassingen van deze norm. In IMAER wordt, zoals ook bij NEN3610, voor het uitwisselingsformaat van bestanden (het technische formaat voor uitwisseling) gerefereerd aan GML 3.2.1 Simple Features Profile 2 (GML-SF2). Naast onderstaande locatie is IMAER ook gedocumenteerd op het Technisch register van informatiemodellen van Geonovum.

 

Beschrijving van het informatiemodel
De algemene concepten van het informatiemodel en de relatie met bestaande normen en standaarden (oa. NEN3610, UML, GML) wordt beschreven in een aparte factsheet

In deze factsheet wordt inhoudelijk ingegaan op het informatiemodel zelf.  De klassen worden aan elkaar gerelateerd, attributen worden gedefinieerd, attribuutdomeinen toegekend en daarbij ontstaat het model IMAER. Doormiddel van een UML klassediagram worden de objecten, de attributen en de relaties tussen objecten weergegeven. In de Objectcatalogus zijn de details van het objectmodel verder uitgewerkt. Tot slot komen nog de aanvullende IMAER GML specificaties aan bod, wordt verwezen naar termen en afkortingen, en de domeintabellen.

Format modelbeschrijving
Het volgende format wordt gebruikt voor de beschrijving van de klassen van IMAER.

Figuur 1. Klassenebschrijving

Uit figuur:

  • ‘Klassenaam’: de naam van de geo-objectklasse;
  • ‘attribuutnaam’: de attributen die gedefinieerd zijn voor deze objectklasse;
  • <attribuutdomein>: een referentie naar de verzameling van toegestane attribuutwaarden, het domein;
  • [multipliciteit]: de cardinaliteit van het attribuut weergegeven in het aantal keren (multipliciteit) dat een attribuut kan of moet voorkomen. De multipliciteit wordt aangegeven als een bereik [van..tot]. Het standaard-bereik is [1..1] oftewel [1] wat inhoudt dat een attribuut precies één maal moet voorkomen.

Voor de multipliciteit van attributen komen de volgende mogelijkheden voor:

  • Verplicht attribuut moet ingevuld zijn. De multipliciteit is dus [1];
  • Conditioneel verplicht: moet ingevuld zijn indien bij de toelichting van het attribuut een nadere omschrijving van de conditie opgenomen is. De multipliciteit is dus [0..1] of [0..*];
  • Optioneel attribuut hoeft niet maar kan wel ingevuld worden. De multipliciteit is dus [0..1] of [0..*].

Bij elke objectklasse is een tabel opgenomen waarin de definitie en andere informatie wordt gegeven. De tabel heeft de volgende indeling:

IMAER en het basismodel Geo-informatie
IMAER is een verdere uitwerking van de relevante geo-objectklassen uit het Basismodel. Op modelniveau is het model IMAER een specialisatie van het model NEN 3610 .

In het Basismodel van NEN3610 zijn alle klassen abstract. In onderstaand figuur is dit weergegeven door een cursief lettertype voor het informatiemodel NEN 3610. Dit betekent dat van de klassen uit het Basismodel geen instanties gemaakt kunnen worden, dat wil zeggen dat geen individuele geo-objecten uit een klasse beschreven kunnen worden. Dit kan pas in een sectormodel. In dit geval is het sector model IMAER.

UML Model
In de UML klassendiagrammen worden de klassen en hun onderlinge relaties afgebeeld. In het diagram zijn ook de datatype en enumeraties aangegeven. Bekijk het volledige UML model van IMAER versie 2.0

Object Catalogus
Bekijk de volledige beschrijving van de  Objectencatalogus van IMAER  versie 2.0

Handreiking IMAER
Naast bovenstaande documenatie is de Handreiking IMAER beschikbaar. Per sector (aparte facstheet) is het informatiemodel in detail uitgewerkt. Tevens bestaat er de tabel IMAER handreiking tabellen waarin per sector. Dit is een soort van 'platgeslagen' versie van het informatiemodel waarin de attributen benoemd zijn, de waarden zijn aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
583-2792
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

IMAER - GML definities

Versie: 
18-03-2016

In het kort
IMAER maakt als uitwisselingsformaat gebruik van gml versie 3.2.1, simple features profile 2. Dit is de versie en het profiel op GML dat door Nederland wordt gevolgd als standaard voor GML implementatie. Het IMAER.XSD is het XML schema van het IMAER model.

Voor het genereren van IMAER gml bestanden gelden aanvullende afspraken.

Encoding, tekenset, van het GML bestand
Voor de encoding van het GML bestand wordt UTF-8 voorgeschreven. Van UTF-8 wordt de tekenset ISO-8859-1 ondersteund en binnen deze tekenset gebruikt: unicode [32 – 128] en [160 – 255].

FeatureCollection
IMAER gebruikt een eigen FeatureCollection, namelijk FeatureCollectionCalculator

gml: id
Elk object in het GML bestand krijgt een <gml:id>. Dit gml:id heeft geen informatiewaarde maar is nodig om interne en externe referenties te realiseren. Het gml:id moet eindigen op een uniek nummer.

Geometrietypen en interpolatie
In het IMAER UML en het afgeleide XML schema zijn de geometrietypen gespecificeerd.

IMAER ondersteunt alleen gml:Point, gml:LineString en gml:Polygon.

Draairichting van polygonen
Hiervoor gelden de regels van ISO19107: Geographic information – Spatial Schema.

Voor een polygoon die je van de bovenkant bekijkt: exterior ring tegen de klok in, interior ring met de klok mee. In 2d GIS bekijk je polygonen altijd van de bovenkant.

Nauwkeurigheid coördinaten
Nauwkeurigheid van coördinaten is 3 decimalen. Alles wat nauwkeuriger is wordt afgerond op deze nauwkeurigheid (3 decimalen). 0.0015 -> 0.002; 0.0014 -> 0.001.

srsName
srsName wordt  ingevuld bij elk planobject op hoogste geometrie niveau.

Voor IMAER is het coördinaat referentiesysteem Rijksdriehoekstelsel, epsg code 28992, verplicht en wordt dit als volgt ingevuld: srsName="urn:ogc:def:crs:EPSG::28992"

Toelichting: srsName is de specificatie van het coördinaat referentiesysteem. Voor iedere geometrie moet een srsName te vinden zijn. In feite betekent dit dat iedere geometrie een srsName moet hebben. In geval van een multigeometrie hoeft de srsName alleen aan de multigeometrie te hangen en niet aan ieder los onderdeeltje ervan.

srsDimension
srsDimension wordt niet opgenomen.

Toelichting: De srsDimension geeft aan uit hoeveel elementen een coördinaat bestaat. In het geval van twee dimensies (x,y) is dat 2. Omdat GML-SF2 drie dimensies niet toestaat is dat in dit geval niet nodig.

Xlink:href
Het format voor de href is dat een #  altijd voorafgaat aan een gml:id.

Toelichting: Het # is om aan te geven dat binnen een href het volgende fragment een locatie betreft binnen het voorafgaande 'document'. Als er geen voorafgaand document is, is de locatie intern (lokaal). Kortom als de href begint met een # wordt er verwezen naar een lokaal gml:id. Als er verwezen wordt naar een extern object, dan begint de href niet met het # maar komt het # voorafgaand aan de locatie (meestal een gml:id) binnen het externe document.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
584-3126
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

IMAER - Introductie InformatieModel AERIUS

Versie: 
01-07-2015

In het kort
IMAER is een toepassing van Basismodel Geo-Informatie (NEN 3610) voor het beleidsveld van stikstofdepositieberekeningen. Het is hiermee één van de bestaande toepassingen van deze norm. In IMAER wordt, zoals ook bij NEN3610, voor het uitwisselingsformaat van bestanden (het technische formaat voor uitwisseling) gerefereerd aan GML 3.2.1 Simple Features Profile 2 (GML-SF2). In deze factsheet worden volgende zaken toegelicht: wat is IMAER; wat is een informatiemodel,  wat is de NEN3610 standaard;  wat is UML;  waarom Open Standaarden;  en waarom en wat is een GML. De beschrijving het Informatiemodel IMAER staat in aparte factsheet.

Wat is IMAER?

  • Staat voor InformatieModel AERius
  • Is een Informatiemodel (semantiek)
  • Is technisch vertaald naar een het uitwisselingsformaat  GML (vorm of syntax waarin geo-informatie op basis van een bepaald informatiemodel wordt uitgewisseld)
  • Voldoet aan overheidsbeleid omtrent Open Standaarden.

Wat is een Informatiemodel?

  • Zet schematisch afspraken over begrippen en definities binnen domein op een rij. Dit vereenvoudigt de uitwisseling van informatie
  • Vereenvoudigt de uitwisseling van informatie tussen organisaties
  • Nederland kent vele sectorale of domein specifieke informatiemodellen
  • Meesten gebaseerd op het Algemeen Basismodel Geo-Infomataie (NEN3610)
  • IMAER kan in die context gezien worden als het sectormodel voor stikstofdepositieberekeningen.

Wat is het Basismodel Geo-informatie: NEN3610?

  • NEN 3610:2011 is het basismodel voor Geo-Informatie. Termen, definities, relaties en algemene regels voor de uitwisseling van informatie over aan het aardoppervlak gerelateerde ruimtelijke objecten worden hierin beschreven.
  • NEN 3610:2011 vervult als algemeen geldende norm een paraplufunctie voor bestaande of nog te ontwikkelen informatiemodellen voor specifieke beleidsvelden.
  • Hierdoor ontstaat de mogelijkheid om beleidsveld-eigen registraties van geo-informatie via de algemene overlappende classificatie van NEN 3610 met andere beleidsvelden uit te wisselen.
  • IMAER is een toepassing van Basismodel Geo-Informatie (NEN 3610) voor het beleidsveld van stikstofdepositieberekeningen.

De structuur van het Basismodel Geo-informatie

  • Het basismodel Geo-informatie is objectgericht wat inhoudt dat de werkelijkheid is beschreven door individueel te onderscheiden objecten . De informatie kan per object worden opgevraagd. De kenmerken van objecten in de werkelijkheid worden beschreven door middel van attributen. De waarden van deze attributen kunnen worden gespecificeerd door middel van domeinen en enumeraties.
  • Het Basismodel geo-informatie (NEN3610:2011) is te downloaden via de website van geonovum.

Wat is UML?

  • Voor het beschrijven van het informatiemodel wordt gebruik gemaakt van de grafische modelleertaal UML (Unified Modelling Language).
  • UML vindt zijn oorsprong in de objectoriëntatie en is door de Object Management Groep (OMG) ontwikkeld als een standaard voor het beschrijven van objectgeoriënteerde modellen.
  • Het UML klassendiagram is één van de mogelijkheden die UML biedt en wordt gebruikt voor het beschrijven van IMAER.

Waarom Open Standaarden?

  • College en Forum Standaardisatie -
    • Bevorderen van elektronische gegevensuitwisseling  tussen overheden onderling en tussen overheden, bedrijven en burgers
    • Dus gegevensuitwisseling over organisatiegrenzen heen
  • Kabinet stelt Open Standaard als norm
    • Dragen bij aan interoperabiliteit – verbetering digitale gegevensuitwisseling
    • Keuzevrijheid – Open Standaarden zijn niet software specifiek
  • Leidt tot kwalitatief hoogwaardige en kosten-efficiënte informatie-uitwisseling

Waarom GML?

  • GML is een uitgebreide standaard en biedt oplossingen voor een groot aantal situaties en variaties in het uitwisselen van geo-informatie. Variaties zijn er bijvoorbeeld in geometrietypen, maar ook in complexiteit van datastructuren. GML is daarmee een geschikt uitwisselingsformaat voor AERIUS.
  • Zowel GML als het Basismodel geo-informatie (NEN3610:2011) valt onder de Basisset Geo-standaarden en is door het College Standaardisatie op de Pas-toe-of-leg-uit-lijst geplaatst. Dit betekent dat alle (semi-)overheidsorganisaties verplicht zijn deze standaarden toe te passen, als zij een ICT-dienst of –product aanschaffen. Alleen bij onoverkomelijke problemen, mag de organisatie ervoor kiezen om deze standaard niet te gebruiken.

Wat is een GML?

  • GML staat voor Geography Markup Language
  • Ontwikkeld door Open Spatial Consortium (OGC)
  • Op XML gebaseerde standaard voor uitwisselen van geo-informatie
  • Standaard voor platform- en vendoronafhankelijk bestandsformaat
  • Uitwisseling van geo-informatie (bestanden) gebeurt middels GML

GML is het uitwisselformaat behorend bij NEN 3610. In Nederland hanteren we als profiel op de GML-standaard het GML Simple Feature Profile level 2.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
581-2278
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie
  • 01-07-2015

IMAER - Termen, afkortingen en schema-presentatie

Versie: 
01-07-2015

In het kort
Toegelicht worden begrippen die gebruikt worden voor de beschrijving van de structuur van het model. Indien relevant is tussen haakjes ook het Engelstalige equivalent gegeven

Termen en definities

applicatieschema (application schema)
informatiemodel dat wordt beschreven en toegepast

attribuut (feature attribute)
kenmerk van een object

attribuutwaarde (value)
waarde die een attribuut aanneemt

domein (domain)
verzameling van waarden die een attribuut kan aannemen.

geo-informatie (geo-information, geographic information)
gegevens met een directe of indirecte referentie naar een plaats op het aardoppervlak

geo-object (geographic feature type of feature class)
abstractie van een fenomeen in de werkelijkheid dat direct of indirect geassocieerd is met een locatie relatief ten opzichte van het aardoppervlak

georeferentie (georeference)
locatie van een ruimtelijk object vastgelegd in een ruimtelijk referentiesysteem

informatiemodel (conceptual model / conceptual schema)
formele definitie van objecten, attributen, relaties en regels in een bepaald domein

interoperabiliteit (interoperability)
mogelijkheid van verschillende autonome, heterogene eenheden, systemen of partijen om met elkaar te communiceren en interacteren

instantie (instance of occurrence)
benoemd, identificeerbaar object uit een objectklasse (synoniem: object)

objectklasse (feature class)
verzameling van objecten met dezelfde eigenschappen

metadata (metadata)
gegevens over gegevens

model (model)
abstractie van de werkelijkheid

object
instantie

presentatie (portrayal)
visualisatie van geografische informatie voor mensen

representatie (representation)
inhoudelijk vastleggen van de werkelijkheid

sectormodel
model voor beschrijving van de werkelijkheid binnen het domein van een sectoraal beleidsveld

werkelijkheid (universe of discourse)
beeld van de echte of hypothetische wereld die alles van belang omvat

Afkortingen

ISO  International Organization for Standardization
GIS  Geografisch Informatie Systeem
GML  Geography Markup Language
OGC  Open Geospatial Consortium
OMG  Object Management Group
UML  Unified Modelling Language
XML  Extensible Markup Language

Schema-presentatie
Voor het beschrijven van het model wordt gebruik gemaakt van de grafische modelleertaal UML (Unified Modelling Language). UML vindt zijn oorsprong in de objectoriëntatie en is door de Object Management Groep (OMG) ontwikkeld als een standaard voor het beschrijven van objectgeoriënteerde modellen. Het UML klassendiagram is één van de mogelijkheden die UML biedt en wordt gebruikt in de IMAER documentatie.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
585-2287
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie
  • 01-07-2015

IMAER - Releseasenotes

Versie: 
02-03-2017

Product naam:  IMAER
Release versie: 2.0
Release datum: 2 maart 2017

De belangrijkste wijzigingen in deze IMAER versie 2.0 tov de vorige IMAER versie 1.1 zijn de onderstaande:

  • AeriusCalculatorMetaData is nu onderverdeeld in een aantal soorten metadata. Enkele nieuwe klassen zijn toegevoegd.
    • CalculationMetadata:  de Metadata over de berekening / rekenresultaten. Deze worden door AERIUS gegenereerd
      • researchArea geeft indicatie of het om een onderzoeksgebiede berekening gaat
      • resultType:  geeft de berekende resultaat type aan, conform enumeration ResultType (DEPOSITION of CONCENTRATION)
      • substance:  geeft de berekende stof aan , conform enumeration Substance
      • type: geeft het gebruikte bereking type aan, conform CalculationType (PERMIT, NATURE_AREA, CUSTOM_POINTS)
    • ProjectMetadata: Metadata over het vastgelede  project. Met behulp van dit metadata object kan er projectinformatie over de emissiebronnen vastgelegd worden.
      • Toegvoegd is het attribuut permitCalculationRadiusType. Hierin wordt afstandsgrenswaarde (prioritaire projecten Hoofdvaarwegennet of Hoofdwegennet) opgenomen voor de Wet Natuurbescherming
    • SituationMetadata: Metadata over de vastgelegde situatie.
    • VersionMetadata:  Metadata over de versienummers van de AERIUS Rekenkern en de AERIUS database
  • Toevoeging van de InlandWaterway  bij de klasse InlandShippingEmissionSource en MooringInlandShippingEmissionSource.  InlandWaterway is een nadere specificatie van het type waterweg dat gebruikt wordt.  Ieder aanmerend binnenvaart emissietype voor routes wordt beschreven aan de hand van een aantal karakteristieken, die in dit datatype zijn vastgelegd. Het betreft  de stroomrichting van de waterweg en de specificatie van het type waterweg.
  • De enumaration van diurnalVariation is vervangen door een CharacterString met de daarbij horende domeinlijst IMAER_emission_diurnal_variations.
  • In de klasse SRM2LinearReference hebben  de attributen fromPosition en toPosition het value type real gekregen i.p.v. length.

LET OP!  In IMAER 2.0 moet de gebruiker bij de sector scheepvaart nu zelf het type vaarweg en stroomrichting opgeven. Dat wordt opgeslagen in InlandWaterway.  Eerder werd dat door AERIUS automatisch toegekend.  Nu ligt de verantwoordelijkheid van de gebruiker. Controleer bij de conversie van IMAER 1.x naar IMAER 2.0 steeds of de automatische suggesties ook de gewenste zijn, en pas deze anders aan!

Volledige documentatie is terug te vinden in diverse IMAER factsheets:

  • IMAER informatiemodel (o.a. *.xsd, UML, domeinwaarden)
  • IMAER Handreiking (o.a beschrijving en 'platgeslagen tabel' per sector)

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
645-3715
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

IMAER Validator

Versie: 
17-03-2017

In het kort
Deze validator controleert op correctheid van een IMAER GML bestand tegen het IMAER model.

  • Validator versie: AERIUS Connect API 3
    • Database: AERIUS Calculator 2016
  • IMAER versie: IMAER 2.0
  • Beschikbaar vanaf: 2015
  • Beschikbaar tot: onbepaald

Valideer
Valideer een bestand tegen IMAER GML.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
631-3716
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

IMAER vs Calculator

Versie: 
15-12-2015

In het kort
In AERIUS Calculator is het mogelijk om enerzijds emissiebronnen via een GML bestand te importeren en anderzijds zelf emissiebronnen in te voeren of te wijziging middels de AERIUS Calculator UserInterface. AERIUS Calculator ondersteunt IMAER volledig. In de AERIUS Calculator kunnen echter een beperkt aantal IMAER onderdelen niet via de UserInterface worden ingevoerd of gewijzigd. Deze factsheets geeft een beknopt overzicht welke IMAER onderdelen dat zijn.

Import IMAER GML of AERIUS Calculator UserInterface
Hieronder volgt een schematisch overzicht van de ondersteuning van IMAER. Vergeleken wordt het importeren van een IMAER GML tov het aanmaken of wijzigen van IMAER onderdelen in de UserInterface van AERIUS Calculator.

IMAER Objectklasse

User
Interface

GML import

SRM2Road: tunnelFactor, elevation, elevationHeight, barrierLeft en barrierRight

Nee Ja
SRM2Road: partialChange / SRM2LinearReference Nee Ja
Roadnetwerk: aanmaken en bewerken Nee Ja
  • SRM2Road: Indien een gebruiker ervoor kiest om bronkenmerken wegverkeer middels een GML aan te beiden kunnen eigen waarden worden meegegeven voor de hoogte- of diepteligging van de weg en de kenmerken van afschermende constructies.  Deze bronkenmerken kun je niet via de UserInterface van AERIUS Calculator aanmaken of wijzigen.
  • SRM2Road: De specificatie van een gedeelte van een weg opnemen oftewel op een gedeelte van de weg afwijken van de standaard waarden (voor die weg)  noemen we  linear referencing of dynamic segmenation. Dit kan middels de IMAER klasse partialChange. Het aanmaken van een linear referencing of wijzigen kan middels een GML en niet in de UserInterface van AERIUS Calculator.
  • Roadnetwork. Deze klasse beschrijft een netwerk, waarbij meerdere wegsegmenten gegroepeerd worden en samen een Roadnetwerk vormen. Het aanmaken of wijzigen van een Roadnetwork kan niet via de UserInterface van AERIUS Calculator.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
646-2823
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie
  • 15-12-2015

Toelichting - Generieke Emissiebronnen

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking generieke emissiebronnen is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor generieke emissiebronnen. Generieke emissiebronnen zijn bronnen waar geen sector-specifieke rekenmethodes worden gebruikt. Hiervoor wordt de klasse EmissionSource gebruikt. Voor de emissiebronnen in deze klasse worden de emissie en kenmerken direct in de GML opgegeven. De ingevoerde waarden worden in Calculator gebruikt voor de berekeningen. 

Per sector is het ook mogelijk om emissies te laten berekenen door Calculator op basis van sector specifieke kenmerken. Zie hiervoor de handreiking per sector in de aparte factsheets. De metadata wordt in een eigen factsheet beschreven.

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.
 
EmissionSource
De klasse EmissionSource beschrijft een generiek emissiebron inclusief geometrie.

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad  EmissionSource) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

Voorbeeld GML:

Download voorbeeld GML voor EmissionSoucre.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
615-3723
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - IMAER in het kort

Versie: 
02-03-2017

In het kort
IMAER is gebaseerd op de standaard GML. De gebruiksmogelijkheden zijn enorm. Daarom is de GML ingeperkt tot een specifiek GML profiel voor IMAER. Dit profiel bevat afspraken over het gebruik van NEN3610, geometrische objecten (punten, lijnen, vlakken), coördinatensysteem, precisie en afspraken over het opschrijven van emissiebronnen en emissiedeposities. De belangrijkste IMAER afspraken worden in deze factsheet benoemd.
 
Leeswijzer
Naast deze factheets zijn de volgende beschrijvingen van IMAER beschikbaar:

  • Beschrijving van het volledig uitgewerkte IMAER model (Informatiemodellen, UML, Objectmodel, domeintabellen, *.xsd, etc.. ) Diverse IMAER Modelbeschrijving facstheets.
  • Handreikingen per sector hoe IMAER te gebruiken in de praktijk. Zie gerelateerde factsheets.
  • De IMAER handreiking tabellen. In principe een soort van ‘platgeslagen’  model in tabel vorm. Hierin zijn per klasse  de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.
  • Beschrijving per sector van de berekening depositiebijdragen bronnen. Diverse methodiek factsheets. 

 

IMAER verzameling 
De IMAER GML  bevat een beschrijving van objecten (dingen met eigenschapen) opgenomen in een verzameling (lijstje). De verzameling is vastgelegd in featureCollectionCalculator.
In de verzameling zitten o.a.:

  • Metadata (vastgelegd in aeriusCalculatorMetaData)
  • Geodata (vastgelegd in featureMembers)
    • Emissiebronnen (… EmissionSource)
    • Depositiepunten (Receptorpoint)

De metadata komen in elke IMAER GML terug. 

IMAER metadata
De volgende metadata wordt vastgelegd:

  • VersionMetadata: welke versie van de software  en onderliggende basisgegevens  de GML is gegenereerd (indien aangemaakt met Calculator) dan wel doorgerekend is
  • CalculationMetadata: welke instellingen gebruikt zijn voor berekeningen en de rekenresulaten ( bijv. max. straal waarbinnen gerekend is, wel of geen onderzoeksgebied)
  • ProjectMetadata: het vastgelegde project ( bijv. rechtspersoon, beschrijving,  naam, indiener, duur van project, rekenjaar of afstandsgrenswaarde type)
  • SituationMetadata: de vastgelegde situatie ( bijv. naam van lijst van bronnen vd beschreven situatie)

 

IMAER Emissiebronnen 
Een emissiebron heeft de volgende eigenschappen:

  • Sector (sectorId)
  • Identificatie (identifier)
  • Label (label)
  • Kenmerken (emissionSourceCharacteristics)
    • Warmte inhoud (heatContent)
    • Uitstoothoogte (emissionHeight)
    • ….
  • Geometry (Point, Linestring, Polygon, ….)
  • Emissie (emission)
    • Stof (substance)
    • Hoeveelheid (value)
  • Sectorspecifieke emissies
    • Stalemissies (farmLodging)
    • Binnenvaart (inlandShipping)
    •  ……

 

De emissies van een bron kunnen op twee manieren aangeleverd worden. Enerzijds door zelf emissies op te voeren in EmissionSource.  Anderzijds door sectorspecifieke eigenschappen op te geven op basis waarvan Calculator de emissie zal berekenen. Dus bijv. bij stalemissies de klasse FarmLodgingEmissionSource of bij binnenvaart de klasse InlandShippingEmissionSource. Hoe IMAER per sector in de praktijk het best gebruikt kan worden  wordt in afzonderlijke factsheets per sector beschreven.

IMAER depositie resultaten
Het resultaat van de depositie heeft volgende eigenschappen. Een volledige beschrijving is terug te vinden in een aparte facstheet.

  • Identificatie (identifier)
  • Label (label)
  • Geometry (Point (waarden ) en Surface (representatie))
  • Resultaat (result)
    • Stof (Substance)
    • Hoeveelheid (value)
    • Depositie of concentratie (ResultType)

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
619-3720
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Metadata

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Elke IMAER GML bevat metadata. In de metadata wordt vastgelegd met welke versies van de software en onderliggende basisgegevens de GML is gegenereerd dan wel is doorgerekend. Tevens kan er projectinformatie over de emissiebronnen vastgelegd worden. De metadata komen in elke IMAER GML terug. Hiervoor wordt klasse AeriusCalculatorMetaData gebruikt.

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.

AeriusCalculatorMetaData
De klasse AeriusCalculatorMetaData bevat metadata over de AERIUS calculator die de GML geproduceerd heeft en over het vastgelegde project. In de tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad AeriusCalculatorMetaData) vind je een nadere beschrijving van deze klasse. In de tabel zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

De volgende metadata wordt vastgelegd:

  • VersionMetadata: welke versie van de software en onderliggende basisgegevens de GML is gegenereerd (indien aangemaakt met Calculator) dan wel doorgerekend is
    • aeriusVersion
    • databaseVersion
  • CalculationMetadata: welke instellingen gebruikt zijn voor berekeningen en de rekenresulaten
    • maximumRange: max. straal waarbinnen gerekend is
    • researchArea: Indicatie of het om een onderzoeksgebied berekening ging
    • resultType: Berekende  types, conform enumeration ResultType (DEPOSITION of CONCENTRATION)
    • substance: Berekende stof, conform enumeration Substance ( NH3, NOX, NO2, PM10, PM25)
    • type: Gebruikte berekingtype, conform CalculationType (PERMIT, NATURE_AREA, RADIUS, CUSTOM_POINTS)
  • ProjectMetadata: metadata over de vastgelegde projecten
    • corporation: Naam van de rechtspersoon die hoort bij het beschreven project.
    • description: Beschrijving van of toelichting bij het beschreven project.
    • name: Naam van het beschreven project.  De maker kan hier ter eigen referentie een projectnaam opgeven.
    • permitCalculationRadiusType: Afstandsgrenswaarde-type voor de Wet natuurbescherming, conform domeinlijst permit_calculation_radius_types (PRIORITY_PROJECT_MAIN_ROADS, PRIORITY_PROJECT_MAIN_SHIPPING_LANES)
    • submitter Vaststaande code van de indiener van het beschreven project, conform domeintabel  IMAER_authorities
    • temporaryPeriod: Duur van het project in jaren (alleen in geval van tijdelijke projecten). Wanneer de bron een tijdelijk karakter heeft, vul dan hier de duur van het project . Als startjaar wordt het jaartal uit year gebruikt
    • year: Rekenjaar. De AERIUS rekenkern maakt gebruik van basisgegevens die jaarlijks worden aangepast. Het rekenjaar  geeft aan van welk jaar de basisgegevens gebruikt zijn bij de berekeningen.
  • SituationMetadata: de vastgelegde situatie
    • name: Naam van de lijst van bronnen van de beschreven situatie. Wordt gebruikt voor naamgeving van varianten. Calculator gebruikt bijv. ‘Situatie 1’ als standaard naam.
    • reference: Referentie van de beschreven situatie. Bij een export vanuit Calculator komt dit terug als AERIUS kenmerk in de GML of PDF. Deze hoeft niet ingevoerd te worden. Bij de export worden evt. opgevoerde waarden in de GML door AERIUS overschreven.

 

LET OP. Voor het gebruik van GML's in AERIUS Register gelden aanvullende eisen tav de metadata.

Voorbeeld GML
Download een voorbeeld GML voor Metadata.

 

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
618-3721
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Rekenpunten

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking rekenpunten is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor wat betreft het gebruik van eigen rekenpunten. IMAER gebruikt hiervoor de klasse CalculationPoint. Lees voor meer informatie de factsheet ‘Verschil tussen vaste rekenpunten en eigen rekenpunten’. Een GML met eigen rekenpunten kan worden geïmporteerd in Calculator om een berekening op basis van eigen rekenpunten uit te voeren. Kiest u voor een berekening met vaste rekenpunten op basis van het AERIUS-grid (hexagonen) gebruik dan klasse ReceptorPoint.

De metadata wordt in een eigen factsheet beschreven.

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.

Calculationpoint
Deze klasse beschrijft een zelf gedefinieerd rekenpunt.

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad CalculationPoint) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.
 

Voorbeeld GML

 

Download voorbeeld GML voor CalculationPoint

 

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
617-3728
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Resultaten

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking Resultaten is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor wat betreft de resultaten van de depositie berekening. IMAER gebruikt hiervoor de klasse ReceptorPoint. Het rekenpunt ligt in het midden van een hexagoon (1 ha), die als vast raster over Nederland zijn neergelegd. Elk rekenpunt heeft een uniek nummer (receptorPointId) dat overeenkomt met het bijbehorende hexagoon. Lees voor meer informatie de factsheet ‘Geografische gridfuncties’. Calculator rekent standaard voor de Wet Natuurbeschreming (Wnb) op basis van dit vast raster van hexagonen die resulteren in klasse ReceptorPoint.  Kiest u voor een berekening op basis van eigen rekenpunten, gebruik dan de klasse CalculationPoint. Daar kunnen eigen rekenpunten ingevoerd worden.

Let op. RecepterPoint wordt dus niet gebruikt bij het importeren van een GML door Calculator of Connect.

De metadata wordt in een eigen factsheet beschreven.

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.

Receptorpoint
Deze klasse beschrijft een rekenpunt op het AERIUS-grid.

‘Platgeslagen’ tabellen 
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad ReceptorPoint) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

Voorbeeld GML
Download voorbeeld GML voor ReceptorPoint

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
616-3729
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Sector Landbouw

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking landbouw is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor wat betreft de sector landbouw. Lees de methodiek factsheet ‘Berekening depositiebijdrage bronnen Landbouw’ voor toelichting hoe de depositie van sector Landbouw berekend wordt.

Voor de broncategorie stalemissies berekent AERIUS de emissies op basis van kenmerken stalsysteem en aantal dierplaatsen (emissieberekening stallen). Gebruik hiervoor in IMAER de klasse FarmlodgingEmissionSource. Voor de bron categorieën mestopslag, beweiding, mestaanwending of glastuinbouw wordt de klasse EmissionSource gebruikt. EmissionSource wordt ook gebruikt voor stalemissies als zelf een emissiewaarde wordt opgegeven en die niet op basis van dieren en aantallen door AERIUS berekent wordt. De metadata wordt in een eigen factsheet beschreven.

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.
 
EmissionSource
De klasse EmissionSource beschrijft een generiek emissiebron inclusief geometrie. 

Bij het gebruik van deze klasse rekent AERIUS met de opgegeven waarden. Toelichting op de klasse EmissionSource  staat in een aparte factsheet. Voor de sector landbouw gelden daarop de volgende aandachtspunten.

  • EmissionSourceCharacteristics
    • spread: Spreiding in de emissiehoogte van de emissiebron in meters. Alleen gebruiken bij bronnen met een hoogte. Bij landbouw alleen te gebruiken bij vlakbronnen met een hoogte en niet bij puntbronnen. 
    • De overige attributen worden gebruikt zoals in beschreven bij de klasse EmissionSource  

 

FarmlodgingEmissionSource
Dit is een sectorspecifieke klasse om stalemissies door Calculator te laten berekenen op basis van  kenmerken stalsysteem en aantal dierplaatsen. Daarbij kan Calculator emissies berekenen op basis van een zelf gedefinieerde stal (CustomFarmLodging) of door het opgegeven van een stalsysteem, hoeveelheid dieren, BWL-code en eventuele extra stal- technieken of voer-maatregelen (StandardFarmLodging). Zie ook factsheet emissieberekening stallen.

Deze klasse beschrijft stalkenmerken inclusief geometrie. In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad FarmlodgingEmissionSource) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

Voorbeeld GML’s

Download een voorbeeld GML voor FarmlodgingEmissionSource.

 

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
610-3722
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Sector Mobiele Werktuigen

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking mobiele werktuigen is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor de sector Mobiele Werktuigen. Lees de methodiek factsheet ‘Berekening depositiebijdrage bronnen sector Mobiele werktuigen’ voor toelichting hoe de depositie van sector Mobiele werktuigen berekend wordt. De metadata wordt in een eigen factsheet beschreven.

Voor het juist gebruik van IMAER in deze sector zijn o.a. volgende keuzen van belang:

  • De juiste broncategorie: Landbouw, Bouw en industrie, en Delfstoffenwinning. De broncategorie wordt vastgelegd in de sectorId.
  • de gekozen typering van de werktuigen: stageklasse (StandardOffRoadMobileSource) of een eigen typering (CustomOffRoadMobileSource)

 

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.
 
OffRoadMobileEmissionSource
Deze sectorspecifieke klasse beschrijft een verzameling mobiele werktuigen, inclusief geometrie.

Keuze sectorId
De gebruiker kan kiezen uit 3 broncategorieën. Zie ook factsheet ‘AERIUS sectoren en sector ID in GML’. Gebruik voor elke broncategorie de juiste sectorcode in sectorId:

Typering mobiele werktuigen
Kiest de gebruiker voor StandardOffRoadMobileSource dan hanteert Calculator vaste defaultwaarden per sector voor EmissionSourceCharacteristics zoals de hoogte (emissionHeight), spreiding (spread), warmte-inhoud (heatContent) en etmaalvariatie (diurnalVariation). Door de gebruiker ingevulde waarden worden overschreven door Calculator. De emission wordt in dit geval door Calculator berekent op basis van literFuelPerYear en offRoadMobileSourceType.
  
Kiest de gebruiker voor CustomOffRoadMobileSource voert de gebruiker in ieder geval de verplichte velden in: hoogte (emissionHeight), en warmte-inhoud (heatContent).  Voor spread wordt deafult 0 gebruikt als geen waarde wordt ingevuld. Voor de etmaalvariatie (diurnalVariation) hanteert Calculator altijd een vaste defaultwaarde.
 
De gebruiker voert hier zelf de totale emissie (Emission)  van betreffende voertuig(en) in. 

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad OffRoadMobileSourceEmissionSource) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden. Hieronder is per attribuut een nadere omschrijving gegeven. 


Voorbeeld GML’s
Download een voorbeeld GML voor OffRoadMobileSourceEmissionSource.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
612-3725
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Sector Plannen

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking plannen is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor de sector ruimtelijke plannen. Lees de methodiek factsheet ‘Berekening depositiebijdrage bronnen sector Plannen’ voor toelichting hoe de depositie van sector Plannen berekend wordt. De metadata wordt in een eigen factsheet beschreven.

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.
 
PlanEmissionSource
Deze sectorspecifieke klasse beschrijft een verzameling ruimtelijke  ontwikkeling plan bronnen, inclusief geometrie.

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad PlanEmissionSource) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.
 

Voorbeeld GML’s
Download een voorbeeld GML voor PlanEmissionSource

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
613-3727
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Sector Scheepvaart

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking scheepvaart is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor wat betreft de sector scheepvaart. Binnen de sector Scheepvaart maakt AERIUS onderscheid tussen zeeschepen en binnenvaartschepen. Voor zeeschepen wordt de klasse MartimeShippingEmissionSource (varende schepen: zeeroute en binnengaatse route) en MooringMaritimeShippingEmissionSource (aanlegplaatsten) gebruikt. Voor binnenvaart de klasse InlandShippingEmissionSource (varende binnenschepen) en MooringInlandShippingEmissionSource (aanlegplaats).

Lees de methodiek factsheet ‘Berekening depositiebijdrage bronnen sector scheepvaart’ voor toelichting hoe de depositie  van sector scheepvaart berekent wordt. De metadata wordt in een eigen factsheet beschreven.

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.  

MartimeShippingEmissionSource
Deze sectorspecifieke klasse beschrijft een vaarroute voor zeescheepvaart, inclusief geometrie.

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad MartimeShippingEmissionSource) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden. Hieronder is per attribuut een nadere omschrijving gegeven.

MooringMartimeShippingEmissionSource
Deze sectorspecifieke klasse beschrijft de bronkenmerken van zeeschepen ter hoogte van een aanlegplaats en op de vaarroutes van en naar deze aanlegplaats, inclusief geometrie.

 Algemene toelichting
De klasse wordt gebruikt voor de emissieberekening van de zeeschepen ter hoogte van de aanlegplaats en de vaarroutes van en naar de aanlegplaats. Voor ieder stilliggend zeeschip moet altijd description, shipType, shipsPerYear (aantal bezoeken) en averageResidenceTime (verblijftijd) worden opgegeven. Ook moet de inlandRoute worden opgegeven: binnengaatse vaarroute van/naar de havenmond (vast aanhaakpunt waar ‘binnengaats’ overgaat naar ‘zee’).  Emissies worden altijd berekend over zowel de aanlegplaats als de binnengaatse route.  

Daarnaast bestaat de optie om ook één of meer vaarroutes op zee (MaritimeShippingRoute) op nemen. Deze routes sluiten aan op het aanhaakpunt in de havenmond. Per zeeroute dient het aantal vaarbewegingen te worden aangegeven. Wanneer vaarroutes op zee zijn toegevoegd worden ook de emissies van de zeeroute meegenomen in de berekening. 

De vaarbewegingen op de binnengaatse route hoeven niet te worden aangegeven: omdat per aanlegplaats maar één binnengaatse route kan worden opgenomen , worden de vaarbewegingen op de binnengaatse route afgeleid van het aantal (ingevoerde) bezoeken (shipsPerYear). 
Het aantal scheepvaartbewegingen (shippingMovements) op de vaarroute op zee moet wel worden aangegeven (aangezien dit meer dan één routes kunnen zijn). Let op: het totaal aantal vaarbewegingen op zee moet altijd gelijk zijn aan tweemaal het aantal ingevoerde bezoeken   (shipsPerYear).

Let op! De vaarrichting wordt bepaald door de volgorde van intekenen. Advies is om als volgt in te tekenen.

  • inlandroute: Startpunt (A) van de route is de aanlegplaats. Eindpunt (B) van de route is overgangspunt in de havenmond.
  • route: Startpunt (A) van de route is het overgangspunt in de havenmond.

 

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad MooringMartimeShippingEmissionSource) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

InlandShippingEmissionSource
Deze sectorspecifieke klasse beschrijft een vaarroute voor binnenvaart, inclusief geometrie.

Algemene toelichting
Let op! Bij het gebruik van deze klasse is de invoer van de juiste vaarrichting van belang. De vaarrichting wordt bepaald door het intekenen. Het startpunt van de route is A, het eindpunt van de route is B. Lees de factstheet Bepalen stroomrichting in relatie vaarrichting binnenvaart.

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad InlandShippingEmissionSource) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden. Hieronder is per attribuut een nadere omschrijving gegeven.

MooringInlandShippingEmissionSource
Deze klasse beschrijft een aanlegplaats en vaarroute inclusief geometrie voor binnenvaart, inclusief geometrie.

Algemene toelichting
De klasse MooringInlandShippingEmissionSource wordt gebruikt voor de emissieberekening van stilliggende binnenvaartschepen ter hoogte van de aanlegplaats en de vaarroutes van en naar de aanlegplaats. Voor ieder stilliggend binnenvaartschip moet altijd description, shipType, de averageResidenceTime (verbijftijd) opgegeven worden, en ook één of meerdere vaarroutes van en naar de aanlegplaats (InlandShippingRoute). Per vaarroute dient aangegeven te worden of het gaat om aankomende of vertrekkende schepen, en ook het aantal scheepvaartbewegingen en het aandeel schepen dat beladen is.  Emissies worden altijd berekend over de zowel de aanlegplaats als de vaarroute. Op basis van het totaal aankomende en vertrekkende scheepvaartbewegingen wordt het aantal stilliggende schepen   en de bijbehorende emissies berekend.

Let op! Bij het gebruik van deze klasse is de invoer van de juiste vaarrichting van belang. De vaarroute wordt bepaald door het intekenen . Het startpunt (A) van de vaarroute is steeds de aanlegplaats. Voor InlandShippingRoute betekent dit voor direction:

  • aanmerend betekent naar de aanlegplaats toe en;
  • vertrekkend betekent van de aanlegplaats af. 

Lees ook de factsheet ‘Bepalen stroomrichting in relatie vaarrichting binnenvaart’.

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad MooringInlandShippingEmissionSource) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

Voorbeeld GML’s
Download voorbeeld GML’s voor:

  • MartimeShippingEmissionSource
  • MooringMaritimeShippingEmissionSource
  • InlandShippingEmissionSource
  • MooringInlandShippingEmissionSource

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
611-3730
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Sector Verkeer en Vervoer

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking Verkeer en Vervoer is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor wat betreft de sector Verkeer en Vervoer. Lees de methodiek factsheet ‘Berekening depositiebijdrage bronnen sector Verkeer en Vervoer’ voor toelichting hoe de depositie in deze sector berekend wordt.

Binnen de sector Verkeer en Vervoer wordt voor het berekenen van emissies en concentratiebijdrage van het wegverkeer een onderscheid gemaakt tussen de rekenmethodieken SRM2  en SRM1. Op dit moment is alleen SRM2 geïmplementeerd in AERIUS Calculator.

IMAER biedt ook de mogelijkheid om netwerken te genereren. Meerdere wegen of wegsegmenten vormen dan samen een netwerk. IMAER gebruikt hiervoor de klasse RoadNetwork die in de vorm van een ‘association role’ gekoppeld wordt aan SRM2Road. Op die manier is het  mogelijk om meerdere wegsegmenten als één bron te visualiseren. In de AERIUS Calculator applicatie wordt een RoadNetwork bijv. als één bron gevisualiseerd. Dat geldt ook bij het doorrekenen met AERIUS Connect. In de resulterende Bijlage bij berekening wordt het RoadNetwerk als één bron gevisualiseerd i.p.v. elke bron apart.  Enkel voor een RoadNetwork is het mogelijk een Bijlage bij Besluit te genereren. Dit biedt dus mogelijkheden om ook in eigen bronapplicaties te implementeren.

Daarnaast biedt SRM2Road de mogelijkheid om gebruik te maken van Dynamic Segmentation of Linear Referencing (SRM2LinearReference). Voor gedefinieerde gedeelten van een weg worden dan de waarden die voor de gehele weg gelden overschreven. 

In deze facstheet worden de  klassen SRM2Road en RoadNetwork beschreven. De metadata wordt in een eigen factsheet beschreven.

IMAER
Het volledige informatiemodel AERIUS (IMAER) is beschreven in aparte factsheets. Een beknopt overzicht vind je in de factsheet Handreiking IMAER – In het kort.
 
SRM2Road
Deze sectorspecifieke klasse beschrijft een weg als emissiebron, inclusief geometrie. Deze weg wordt gebruikt om emissies volgens SRM2 door te rekenen. Onder SRM2 vallen wegen die niet onder SRM1 vallen, buitenstedelijke wegen en snelwegen.

De methode van emissieberekening is o.a. afhankelijk van typering van het wagenpark dat de gebruiker kiest. Het type wagenpark wordt gedefinieerd in het verplichte attribuut vehicle. De keuze is uit: StandardVehicle = standaard (emissieberekening wegverkeer – standaard); SpecificVehicle = euroklasse (emissieberekening wegverkeer – euroklasse); CustomVehicle = eigen specificatie (emissieberekening wegverkeer – eigen specificatie).

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad SRM2Road) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

RoadNetwok
Deze klasse beschrijft een netwerk, waarbij meerdere elementen gegroepeerd kunnen worden.

‘Platgeslagen’ tabellen
In tabel IMAER handreiking tabellen (werkblad RoadNetwork) zijn de attributen benoemd, de waarden aangegeven die deze attributen moeten bevatten en is aangegeven of het  gebruik van het attribuut verplicht is en of het attribuut meerdere malen gebruikt mag worden.

Het attribuut element is van het type association role. Het geeft aan met welke objecten dit RoadNetwork associaties heeft. In dit geval is dit SRM2Road. De link wordt gelegd middels een xlink:href. Zie ook factsheet '3. GML Definities' en de voorbeeld GML.

Voorbeeld GML’s
Download voorbeeld GML’s voor:

  • SRM2RoadEmissionSource  met een voorbeeld voor Linear Referencing
  • SRM2RoadEmissionSource  in een  RoadNetWork

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
614-3724
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie

Toelichting - Sectoren Industrie, Energie, Wonen en werken, Spoor, Luchtvaart

Versie: 
02-03-2017

In het kort
Deze handreiking overige sectoren is een toelichting op het IMAER informatiemodel voor wat betreft de sectoren Energie, Wonen en werken, Industrie, Railverkeer en Luchtverkeer. Lees de diverse methodiek factsheet voor toelichting hoe de depositie voor deze sectoren berekend worden. IMAER gebruikt voor deze sectoren de klasse EmissionSource. De ingevulde sectorId bepaalt de defaultwaarden die in emissionSourceCharacteristics worden meegenomen. Zie de factsheet ‘generieke emissiebronnen’ voor nadere toelichting over het gebruik van de klasse EmissionSource. Gebruik factsheet ‘AERIUS sectoren en sector ID in GML’ voor keuze uit juiste sectoren.

Voorbeeld GML:
Download voorbeeld GML voor EmissionSoucre.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
620-3726
Voor
  • Connect
Type
Algemeen
Versie