Depositie 2018 en 2030 Natura 2000-gebieden

Versie: 
09-09-2020

In het kort
AERIUS Monitor toont een kaart met depositie binnen de Natura 2000-gebieden voor het jaar 2018 en 2030.

Deze kaarten zijn tot stand gekomen door depositie te berekenen op basis van de emissie en hun ruimtelijke verdeling uit 2015, emissietotalen uit 2017, emissieprognoses voor 2030 en concentratie metingen over 2018.

Op het moment van opstellen van deze kaart (in de periode 2017 tot 2019) waren dit de meest actuele beschikbare gegevens. Binnenkort verschijnt een update met recentere inzichten.

Depositie uit Nederlandse bronnen
Depositie als gevolg van emissies van ammoniak en stikstofoxiden van Nederlandse bronnen is berekend per broncategorie op basis van emissies uit de Emissieregistratie (ER) voor het jaar 2017 en hun ruimtelijke verdeling over 2015. De uitgerekende depositie over 2015 is geschaald naar de meest recente emissies (2017) op basis van emissietotalen uit de ER per broncategorie per stof, en naar 2030 op basis van prognoses. Dit betreffen de prognoses van Nationale Energieverkenning 2015.

Uitzondering hierop is het rijkswegennet, waarvan op het moment van het opstellen van de kaart verfijnde gegevens over 2017 en 2030 beschikbaar waren in het kader van de reservering van ruimte voor prioritaire projecten (onder het PAS werd voor o.a. enkele prioritaire wegenprojecten ruimte gereserveerd). Daarnaast is voor landbouw uitgegaan van verfijndere ruimtelijke verdeling voor stalemissies.

Voor het vaststellen van de depositie door Nederlandse bronnen is in de basis de volgende werkwijze gehanteerd:

  1. Per broncategorie en per stof (NOx en NH3) is de totale emissie van het jaar 2015 vastgesteld.
  2. Op basis van de Emissieregistratie en de prognose is per broncategorie en per stof (NOx en NH3) de totale emissie van het jaar 2017 en 2030 vastgesteld.
  3. De uitkomst van 2 is gedeeld door de uitkomst van 1. Het resultaat is een schalingsfactor per broncategorie per jaar.
  4. De depositiebijdrage per hexagoon per broncategorie in 2015 is vermenigvuldigd met de onder 3 afgeleide schalingsfactor. Het resultaat is een depositiebijdrage per hexagoon per broncategorie in 2017 en 2030. Tenslotte zijn de verschillende bronbijdrages gesommeerd, met als resultaat de totale depositie per hexagoon.

 

Buitenlandse bijdragen
Emissie uit het buitenland draagt ook bij aan de deposities in Nederland. De buitenlandse bijdrages zijn berekend op basis van de ruimtelijke verdeling van emissies over 2015, emissietotalen voor 2017 en prognoses voor 2030 op basis van de nationale emissieplafonds. Voor de berekeningen en schaling naar emissietotalen is dezelfde methode gehanteerd als in de vorige paragraaf beschreven.

 

Kalibratie op basis van metingen
De berekende deposities voor het meest recente jaar (2017, als som van de geschaalde depositie uit Nederlandse en buitenlandse bronnen, zoals hierboven beschreven) worden gekalibreerd aan de metingen van het Meetnet Ammoniak in Natuurgebieden (MAN) en Landelijk Meetnet Luchtkwaliteit (LML) over 2018. Omdat van zowel de berekeningen als metingen wordt uitgegaan van de meest recente data zijn dit twee verschillende jaren. Kalibratie is uitgevoerd op basis van concentratie-metingen en berekende concentratie op de meetpunten en toegepast op de berekende depositie. Voor deze correctie uit gebruik gemaakt van de kalibratie zoals toegepast op de GDN kaarten.

De kalibratie bestaat uit een aantal componenten, die wisselend een correctie of bijtelling zijn. Voor de correctie op de droge NH3 depositie zijn de volgende stappen doorlopen:

  1. De gemeten gemiddelde NH3 concentratie in 2018 is gedeeld door de berekende gemiddelde NH3 concentraties.
  2. De resulterende verhouding is vervolgens vermenigvuldigd met de droge NH­3 deposities in de GDN-kaart voor 2017 die zijn vastgesteld op een resolutie van 1x1 km. Het resultaat is een landsdekkende kaart met deposities (1x1 km) die gekalibreerd zijn aan gemeten droge NH3 concentratie.
  3. Het verschil tussen de niet en wel gekalibreerde GDN-kaart voor 2017 is vervolgens vertaald naar een correctie per hexagoon (in mol/ha/jaar).

De correctie voor NOy en natte NH3 bedraagt samen een bijtelling van +81 mol per hectare per jaar en is voor alle hexagonen gelijk. Deze waarde is ook in de GDN kaarten voor 2018 gebruikt.

De correcties zijn uitgevoerd op de totale depositie, en de totale correctie is beschikbaar als een aparte kaartlaag. In AERIUS Monitor is de som van de de bijdragen per broncategorie, de buitenlande bijdragen en de correctie gelijk aan de totale depositie.

De berekende correctie is ook toegepast op de berekende deposities voor 2030. Dit is gedaan om een consistente trend te kunnen laten zien.

 

Nieuwe inzichten

Inmiddels zijn nieuwe emissies en prognoses beschikbaar en die worden betrokken bij de deposities die in een volgende versie van AERIUS Monitor gepubliceerd worden. In de huidige kaarten in Monitor zijn onder andere de volgende inzichten niet verwerkt: de laatste prognoses uit de ‘Klimaat- en Energieverkenning 2019’, de stikstofmaatregelen die in oktober 2019 zijn gepresenteerd (o.a. de verlaging van de maximumsnelheid overdag op autosnelwegen in beheer van het Rijk) en de maatregelen die in het voorjaar van 2020 in het kader van de structurele aanpak voor stikstof zijn aangekondigd.

In de huidige kaart is de kalibratie voor 2018 niet representatief voor 2030. De 2030 data is indicatief en vooral bedoeld om een beeld te geven van de functionaliteit van Monitor. In een volgende versie van Monitor wordt hier anders invulling aan gegeven.

Factsheet

Factsheet
744-4326
Voor
  • Monitor
Type
Methodiek
Versie
  • 09-09-2020