Bepalen depositiebijdrage en groeibehoefte Hoofdvaarwegennet (HVWN)

Versie: 
10-01-2015

In het kort
De verfijning van het Hoofdvaarwegennet (HVWN) betreft een verfijning van scheepvaartemissies voor de stof NOX, op basis van projectgegevens van het Ministerie van Infrastructuur en Milieu (IenM) voor het HVWN.
Deels betreft het een verfijning van de RIVM binnenvaartemissies buiten het Rijnmondgebied (NOX binnenvaartemissies binnen het Rijnmondgebied zijn verdisconteerd in de verfijning van het Rijnmondgebied) en deels betreft het een verfijning van de landelijke RIVM zeescheepvaartemissies.

Bij de verfijning van de scheepvaartemissies ten behoeve van de IenM projecten wordt in principe uitgegaan van de ‘gewone’ werkwijze van niet-verfijnde sectoren. Dat betekent dat wordt uitgegaan van de RIVM emissie-ontwikkeling, waarbij de groei-emissies ruimtelijk verdeeld worden over Nederland op basis van aangeleverde projectgegevens (in dit geval projecten van IenM). De verfijning zit in het aanvullende uitgangspunt dat indien de emissies van de IenM projecten meer bedragen dan de landelijke groei-emissies van het RIVM voor de betreffende sectoren, toch de volledige ontwikkelingsbehoefte van de IenM projecten wordt opgenomen in de depositieruimte. In dat geval wordt dus afgeweken van de landelijke RIVM emissies. Dat is een afwijking van de werkwijze voor de niet-verfijnde sectoren, waarbij de landelijke RIVM groei als plafond voor de emissiegroei wordt aangehouden.

Hoe wordt de groeibehoefte van de projecten voor HVWN bepaald?
De groeibehoefte voor HVWN projecten van IenM is berekend met het RIVM-rekenmodel OPS op basis van door IenM aangeleverde bronbestanden voor zowel de autonome situatie als de situatie met planontwikkeling. Het verschil is de groeibehoefte voor het HVWN. Deze groeibehoefte is volledig in de depositieruimte opgenomen en komt aan de behoeftekant terug als prioritaire behoefte.

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
403-1841
Voor
  • Monitor
Type
Methodiek
Versie
  • 10-01-2015