Let op: dit is niet een actuele versie
Actuele versie: 07-11-2016

Bepalen depositiebijdrage buitenland

[no-lexicon]De depositiebijdrage vanuit het buitenland is door AERIUS berekend als een ‘niet verfijnde sector’, op basis van emissiegegevens NOX en NH3 voor het basisjaar waarvan RIVM is uitgegaan bij het opstellen van de GCN/GDN kaarten (ronde 2015). 
Voor de locaties van de buitenlandse emissiebronnen gaat RIVM uit van gridcellen met een zodanig grote schaal dat de gridcellen een overlap kennen met het Nederlands grondgebied (zie voorbeeld in figuur 1). Om te voorkomen dat buitenlandse emissies modelmatig worden toebedeeld aan locaties op Nederlands grondgebied, zijn in Monitor de overlappende emissies eerst ‘uitgeplaatst’ en daarmee teruggelegd in Duitsland en België (zie voorbeeld in figuur 2). De totale emissies wijzigen hierdoor niet: Monitor 2015 gaat uit van dezelfde totale emissies door buitenlandse bronnen als de totale emissies die RIVM hanteert bij het opstellen van de GCN/GDN kaarten 2015.

Op basis van de ruimtelijk herverdeelde emissies voor het basisjaar berekent Monitor de depositiebijdragen in het basisjaar met het rekenmodel OPS van het RIVM. 
De berekende depositiebijdragen zijn vervolgens geschaald naar depositiebijdragen voor 2014 en de toekomstjaren (2020 en 2030). Daarbij is uitgegaan van schaalfactoren voor de bijdrage van buitenlandse bronnen die zijn afgeleid van de buitenlandbijdragen zoals opgenomen in de GDN kaarten voor de beschouwde jaren.[/no-lexicon]

Figuur 1 - Locatie emissies buitenland 'niet-uitgeplaatst' (GCN/GDN 2015)

Figuur 2 - Locatie emissies buitenland 'uitgeplaatst' (Monitor 2015)

Gerelateerde factsheets

Factsheet

Factsheet
406-2655
Voor
  • Monitor
Type
Methodiek
Versie