Algemeen
Nederlands

Handmatige invoer

Nederlands
Algemeen > Handmatige invoer
Stap 1

1. Bron plaatsen

Met dit menu kunt u zelf bronnen invoeren.

Ga hier naar specifieke uitleg over lijnbron of vlakbron

  1. Kies één van de drie knoppen, punt (default), lijn of vlak om een bron te maken en teken deze in op de kaart (zie onder C). Een puntbron geeft een emissie vanuit één centraal punt weer, dit geldt voor de meeste bedrijven. Een lijnbron staat voor een constante emissie over een bepaalde lengte, zoals bij een weg of kanaal. Een vlakbron geeft een constante emissie over een gebied weer, zoals bij grondgebruik.
  2. Vul direct x- en y-coördinaten in om een puntbron te maken. 
  3. Of teken met de muis uw bron op de kaart, nadat u één bronsoort heeft geactiveerd (zie A). Met de knoppen in de linkerbovenhoek op de kaart kunt u inzoomen en uw locatie exact bepalen. Indien u een locatie heeft getekend, verschijnen automatisch de x- en y-coördinaten in het scherm. N.B. Locatie onjuist? Teken direct een nieuwe locatie.
  4. Locatie bron juist gemarkeerd? Met 'Volgende stap' zet u de locatie vast en kunt u brongegevens invullen. N.B. 'Volgende stap' is 'Bewaar' als u vanuit het editmenu werkt. 

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator. 

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

Nederlands
Algemeen > 1. Bron plaatsen
Stap 2

1.1 Lijnbron tekenen

Gebruik een lijnbron voor diverse soorten vervoersbewegingen (bv. railverkeer, luchtverkeer, wegverkeer en scheepvaart) met een constante emissie over een bepaalde lengte. 

  1. Selecteer de knop 'lijnbron' met de muis (bekijk bron plaatsen voor meer uitleg). 
  2. Plaats een beginpunt van de lijn met één linkermuisklik op de kaart. Het eindpunt legt u vast met een dubbele muisklik. De lengte van de lijnbron is te zien bij "Emissiebron plaatsen" of in de kaart. De maximale lengte van een lijnbron is 5 km. De lijn kan wel uit verschillende delen bestaan en hoeft dus niet recht te zijn. N.B. Locatie onjuist? Voor het wijzigen van een lijn- of vlakbron moet u eerst de oorspronkelijke bron met een dubbelklik afgerond hebben. Vervolgens kunt u de bron wijzigen door het ‘potloodje’ te selecteren en de verschenen oranje bolletjes (op de kaart) op te pakken en te verplaatsen. De oude contouren krijgen een lichtere tint.
  3. Heeft u de locatie van de bron juist gemarkeerd? Bij de volgende stap zet u de locatie vast en kunt u brongegevens invullen.

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator. Ga specifiek naar factsheet over lijnbron.

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

Nederlands
Algemeen > 1. Bron plaatsen
Stap 3

1.2 Vlakbron tekenen

Gebruik een vlakbron voor bronnen met emissies verspreid over een gebied; bijvoorbeeld bij de winning van oppervlaktedelfstoffen zoals zand of grind, waarbij mobiele werktuigen (graafmachines) worden ingezet in een afgebakend gebied. 

  1. Selecteer de knop 'vlakbron' met de muis (bekijk bron plaatsen voor meer uitleg). 
  2. Plaats een beginpunt van het oppervlak met één linkermuisklik op de kaart. Plaats daarna de andere punten van het vlak (willekeurig aantal) en leg vervolgens de contouren vast met een dubbele muisklik. Het maximale oppervlak is 200 hectare. N.B. Locatie onjuist? Voor het wijzigen van een lijn- of vlakbron moet u eerst de oorspronkelijke bron met een dubbelklik afgerond hebben. Vervolgens kunt u de bron wijzigen door het ‘potloodje’ te selecteren en de verschenen oranje bolletjes (op de kaart) op te pakken en te verplaatsen. De oude contouren krijgen een lichtere tint.
  3. Heeft u de locatie van de bron juist gemarkeerd? Bij de volgende stap zet u de locatie vast en kunt u vervolgens brongegevens invullen.

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

Nederlands
Algemeen > Handmatige invoer
Stap 2

2. Naam en sectorgroep

Uw locatie is geografisch neergezet; als punt-, lijn- of vlakbron. De locatie van de bron is weergegeven als x- en y-coördinaat in de menubalk en is zichtbaar op de kaart met een label. Geef een naam aan de locatie en bepaal de sectorgroep.

  1. Hiermee kunt u de locatie wijzigen. Dit kan op twee manieren: 1. via de kaart: met 'het potloodje' past u de locatie aan. Bij lijn- en vlakbronnen kunt u de oranje bolletjes, die in de 'edit mode' verschijnen op de kaart, oppakken en verplaatsen. of via de coördinaten. 2. Door de coördinaten aan te passen: activeer hiervoor eerst uw soort bron (punt, lijn of vlak) en wijzig de coördinaten in het invulveld. 
  2. Geef hier een specifieke naam op voor de bron (geen verplichting), zodat uw bron herkenbaar blijft.
  3. Kies een sectorgroep uit de lijst. Met een linkermuisklik selecteert u de gewenste categorie.

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator. 

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

Nederlands
Algemeen > Handmatige invoer
Stap 3

3. Specifieke sector

Elke sectorgroep bestaat uit een aantal sectoren. 

Tip: Bekijk ook de specifieke toelichting per sector (apart hoofdstuk van kolom 'Calculator - Bronnen Invoer')

  1. Maak uw keuze voor een specifieke sector. N.B. Bij de sectoren Energie en Plan maakt u hier geen keuze en kunt u direct gegevens invullen. 
  2. Selecteer de gewenste sector uit de lijst. Het label krijgt nu zijn sectorspecifieke kleur. Na selectie verschijnen bijbehorende sectorkenmerken en -emissies in beeld. Deze kunt u nu invullen of wijzigen.

Sectorgegevens invullen? De invoervelden Kenmerken en Emissies staan uitgelegd bij stap 4 en 6

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator. 

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

Nederlands
Algemeen > Handmatige invoer
Stap 4

4. Kenmerken

657 algemeen-handmatige invoer kenmerken stap_4

U kunt voor elke bron kenmerken en emissies invoeren.

  1. Het menu 'Kenmerken' maakt u zichtbaar met de + linksboven (is in eerste instantie ingeklapt). Standaard worden de invulvelden voor ongeforceerde uitstroom getoond. In AERIUS zijn voor elke sector standaardwaarden ingevuld. De waarde voor warmte-inhoud is een gemiddelde, dat ter indicatie of voor schattingen gebruikt kan worden.
  2. Voor een specifieke bron kunt u hier uw eigen waarden invullen voor uitstoothoogte en warmte-inhoud  
  3. Heeft uw bron een mechanische ventilatie, kies dan voor de optie geforceerd. Lees meer bij stap 5 en in de factsheet gebouwinvloed en pluimstijging
  4. Daarnaast kan een gebouw invloed hebben op de resultaten. Als in uw project de gebouwinvloed een rol speelt, vinkt u op de optie “Gebouwinvloed”. Er verschijnen dan extra invoervelden. Lees meer in stap 6.

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator.

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

Nederlands
Algemeen > Handmatige invoer
Stap 5

5. Geforceerde pluimstijging

2031_algemeen-handmatigeinvoer-geforceerde-uitstroom-stap_5

Bij de optie geforceerd heeft u bron een mechanische ventilatie

  1. Vul alle gevraagde bronkenmerken in.

OPS maakt dan gebruik van deze kenmerken bij de berekeningen. Lees meer uitleg in de factsheet gebouwinvloed en pluimstijging

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator.

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

Nederlands
Algemeen > Handmatige invoer
Stap 6

6 Gebouwinvloed

4124_algemeen-handmatigeinvoer-gebouwinvloed-stap_6

Een gebouw kan invloed hebben op de verspreiding van emissies van een bron en daarmee op de depositie. U kunt hier meer over lezen in de factsheet gebouwinvloed en pluimstijging. Als er gebouwinvloed is, vinkt u de optie gebouwinvloed aan en ontstaan er extra velden

  1. Vul hier de lengte, breedte, hoogte en de oriëntatie van het gebouw in. De kenmerken van de optie Geforceerd kunnen ook invloed hebben op de gebouwinvloed. Verdere uitleg is te vinden in de factsheet gebouwinvloed en pluimstijging

Indien er sprake is van gebouwinvloed, worden de ingevulde waarden getoetst aan de waarden, zoals weergegeven in de tabel in de factsheet gebouwinvloed en pluimstijging. Indien de waarden buiten bereik van de tabel vallen worden deze wel opgeslagen, maar wordt er gerekend met de dichtstbijzijnde waarde binnen bereik van de tabel.

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator. 

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

Nederlands
Algemeen > Handmatige invoer
Stap 7

7. Emissies

748_algemeen-handmatigeinvoer-stap_7

Geef emissiewaarden op van uw bron. 

  1. Vul emissiewaarden van uw bron in: NOx, NH3. Voor een aantal sectoren gelden afwijkende invulvelden, ga hiervoor naar de specifieke toelichting bij sectoren.
  2. Heeft u Kenmerken én Emissies ingevuld? Klik op Bewaar om deze bron te behouden. U kunt vervolgens de situatie uitbreiden, rekenvarianten aanmaken en de berekening voorbereiden. 

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator. 

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.

 

Nederlands
Algemeen > Handmatige invoer
Stap 8

8. Bekijk en bewerk bronnen

Huidige emissiebronnen kunt u bekijken en bewerken. 

  1. Zet naamlabels aan en de kaart toont uw eerder ingevulde bronnaam (stap 2).
  2. Ga met de muis over een bron in de lijst en een pop-up scherm toont de ingevulde kenmerken en emissies van de bron (bij niet-samengestelde bronnen). Tip: indien u op het gekleurde bronicoon klikt, centreert de bron op uw kaartbeeld. 
  3. Bron wijzigen of verwijderen? Selecteer eerst de betreffende bron. Met het 'potlood' wijzigt u de invoergegevens van de bron. Met de 'prullenbak' verwijdert u de bron in zijn geheel. 

Ga naar de factsheets voor een technisch inhoudelijke beschrijving van AERIUS Calculator. 

Ga naar de overzichtspagina van de handleiding.